Waar worden wij gelukkig van? (Jolanda Verburg)

Geluk is tevreden zijn met wat je hebt. Maar een onzekere toekomst kan het geluksgevoel in de weg zitten. En onvrede leidt tot irrationele beslissingen. Hoe kunnen wij in onzekere tijden toch gelukkig zijn?

Herfst in ons permacultuur landschap

Nederlanders zijn een volk van mopperaars. Er valt altijd wat te klagen. Dat gevoel wordt de laatste weken flink gevoed door de protesten van de verschillende beroepsgroepen: het onderwijs, de zorg, de bouw en de boeren. Vooral deze laatste groep laat zijn spierballen zien. Zij zijn niet blij met de klimaatplannen van het kabinet. Maar zolang ze zich nog van die imposante, maar vooral dure machines kunnen veroorloven, gaat het ze nog niet zo slecht, denk ik stiekem. Je stem laten horen loont, blijkt als het kabinet de stikstofplannen bijstelt.

Hoon voor klimaatactivisten

Massaal je stem laten horen sta ik helemaal achter. Maar kortzichtigheid over bepaald activisme kan ik erg verdrietig van worden. De boeren krijgen positieve bijval als ze het hele land plat leggen, terwijl de protesterende klimaatactivisten die amper hinder veroorzaken worden weggezet als lui, werkschuw volk. Je positief uitspreken over de jonge Zweedse klimaatactiviste Greta Thunberg leidt zelfs op facebook tot hoon en ontvriending.

Soms lijkt het wel of er sprake is van tegengestelde belangen. De klimaatactivisten strijden voor het grotere geheel, voor het behoud van een leefbare planeet. Zonder planeet, geen leven. De boeren strijden voor hun eigen portemonnee. Onder het mom van ‘geen boeren, geen voedsel’ beïnvloeden ze de publieke opinie. Ook hier gaat het weer om economie boven ecologie en om de korte termijn in plaats van onze gezamenlijke toekomst. Hier word ik niet gelukkig van.

Klimaatdiscussie en geluksgevoel

Regelmatig constateer ik dat mensen ontevreden zijn over hun situatie. Het staat haaks op het onderzoek dat Nederland een van de gelukkigste landen ter wereld is. Pas als je de discussie aangaat en doorvraagt dan zijn mensen ook best tevreden met wat zij hebben en gaat de onvrede vaak over de onzekerheid over de toekomst. “Kunnen wij wel in de huidige welvaart verder leven?” is dan wat ons bezighoudt. Opvallend is dat maar een kleine groep zich zorgen maakt over het klimaat.

Om mij heen zie ik dat de klimaatdiscussie volledig voorbijgaat aan de jeugd. Des te meer bewonder ik de Zweedse Thunberg, zo jong al betrokken bij de mensheid in zijn totaliteit. Mijn kinderen maken zich slechts druk over nieuwe schoenen of een nieuwe winterjas. De winterjas van vorig jaar, nog in perfecte staat, is uit, dus moet er een nieuwe komen. Daar worden zij gelukkig van. Praten als Brugman helpt niet. En als je, zoals ik, genoegen neemt met tweedehands kleding omdat de kledingindustrie tot een van de meest vervuilende industrieën ter wereld behoort, is dat wel even slikken.

Welvaartsgroei niet voor iedereen

Niet iedereen is bezig met materiële welvaart. Ieder najaar sta ik op de lokale markt met pompoenen en andere streekproducten van eigen oogst. Zodra ik er sta komen mensen een praatje maken. Ik ben een soort praatpaal waartegen mensen even het gewicht op hun schouders kunnen doen verminderen. Gedeelde smart is halve smart tenslotte.

Wat mij opvalt is dat in deze periode van hoogconjunctuur er toch nog veel mensen zijn die het moeilijk hebben. Ze kunnen amper de eindjes aan elkaar knopen. Mensen met een bescheiden huurwoning waarvan de huur ieder jaar meer stijgt dan de lonen. Terwijl bij de huizenbezitters de rente alleen maar is gedaald. Voor wie de stijging van de energiekosten een enorme aderlating is. En dat alles terwijl zij met een flexcontract door werkgevers tijdelijk in de wacht gezet worden, waardoor ze het eind van de maand niet halen en de vakantie ook wel kunnen vergeten. Die met lede ogen toezien dat minister-president Rutte verkondigt dat iedereen erop vooruit gaat, behalve zij dan.

Soms heeft de korte termijn voorrang

Zelf maak ik mij al jaren druk over het klimaat en probeer een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk na te laten. Maar na een dagje op de markt waar de levensverhalen voorbijkomen, waar het gaat over ziekte, echtscheiding, armoede en overlijden, besef ik mij maar al te goed dat het je druk maken over het klimaat niet voor iedereen een topprioriteit is. Soms heeft de korte termijn voorrang.

Ons leplammetje Cato in de tuin

Het zet mij weer even aan het denken waar het leven eigenlijk over gaat en dat gelukkig zijn een belangrijk punt is. Waar word ik gelukkig van? Het is de tijd van het jaar dat bomen en struiken aangeplant en/of verzet kunnen worden. Na een paar uurtjes werken in ons permacultuur landschap kan ik mij intens gelukkig voelen. Evenals van ons leplammetje Cato die als een hondje achter ons aanloopt.

Geluk maken wij zelf

Gelukkig zijn kan worden gestimuleerd, las ik laatst. Als we elkaar iedere dag minstens 20 seconden achtereen omhelzen of knuffelen stimuleert dat ons geluksgevoel. Er komt oxytocine vrij in het lichaam, ook wel het knuffelhormoon genoemd, dat het gevoel van welzijn bevordert en het immuunsysteem stimuleert. Daar worden wij niet alleen gelukkiger maar ook gezonder van.

Ik mag mijzelf gelukkig prijzen dat ik naast een gelukkig huwelijk met veel knuffelmomenten, mijn klimaatactivisme kwijt kan in onze eigen achtertuin. In de afgelopen jaren hebben wij zo’n 2800 bomen en struiken aangeplant, goed voor het klimaat dus. Mijn conclusie van tevredenheid is over het algemeen niet de materiële welvaart, maar juist het immateriële, het kleine, het alledaagse, het kleine wonder, het onverwachte, dat gelukkig maakt.

© Jolanda Verburg, 1 januari 2020

, , , ,

Nog geen reacties.

Geef een reactie