Voorbij de drukte, de leegte (Dirk Oegema)

 

God wat saai! Ben even uitgeklust achter in de tuin van mijn broer. De laatste deur hebben we met stoom en kokend water erin gezet en nu is zijn nieuwe schuurtje zo’n beetje af. En, heel belangrijk in deze dagen, waterdicht.

Maar God wat saai. Alles wat in mijn hoofd zit is op slag overbodig. Ballast. En, heel functioneel, alles wat in mijn hoofd zit valt ook gelijk weg zonder ook maar een spoor na te laten. Als een slak achterom kijkt ziet ie waar ie allemaal langs is gekomen. Het hele spoor terug in de tijd. Bij mij geen spoor. Tenminste, het is niet zichtbaar. Ik heb wilskracht en focus nodig om het op te roepen. Wat er allemaal speelde. Oh, ja, zoals voor het eerst een frees vasthouden en die gebruiken om hout weg te frezen zodat daar een scharnier in past. En dat ik de kleinste vergissing en de kleinste afleiding terug zie in het eindresultaat. In wat niet klopt. Maar het voelt kunstmatig, als geconstrueerd, dat oproepen. Het is een herinnering, op deze verlaten plaats in mijn bewustzijn leeft niets meer.

Het is nu saai, daar probeer ik het dus over te hebben. Hoe ik ook begeesterd raak over wat er achter me ligt, het blijft achter me liggen. Saai, dat is nu. Ik kijk uit over het Lauwersmeer. Zie het grauw van twee dagen regen en geen zon. Iemand probeert er nog leuk te zeilen, maar aantrekkelijk ziet het er niet uit.

Saai is mijn hoofd. Waar ik ook kijk, dezelfde niksigheid. Achter elke deur die ik open doe is een grauwe muur. Vanmiddag drong tot me door dat ik afkick van nuttig zijn. Dat ik niets te doen heb. En voor mijn ego zijn dat soort dingen absoluut: het voelt alsof ik nooit meer iets te doen heb en ook nooit iets te doen heb gehad. Levend begraven in deze niksigheid. Sinds eeuwig, voor eeuwig.

Ik weet dat het een kwaliteit is, dit niets, maar ik heb er nog even geen zin in. Wil nog even vasthouden aan mijn zin van het bestaan.

© Dirk Oegema, juli 2021

Reacties gesloten.