Time out (5): Tijd is alles – tijd is niets (Gerome)

Een time out is een prima situatie voor de restruimte waarin alles en niets tegelijkertijd plaats vindt. Om te leviteren (zie mijn vorige column). Je zou deze toestand metaforisch kunnen vergelijken met het binnentreden van een leeg huis, waarvan de muren nog geen definitieve vorm hebben en hoe dan ook de ramen openstaan.

Van alles komt er dezer dagen langs. Momenten van reflectie over wat er de afgelopen vijf jaar in mijn leven heeft plaatsgevonden. Een blikveld op de toekomst die terloops binnenvalt. Wat gefilosofeer over wat ik in deze column over tijd nog wil gaan schrijven. Mijn gezondheid waarvan ik herstellende ben, wat nog niet meevalt. En ook de levenskunsten bewegen zich aan me voorbij. De media lijken een gesloten systeem met telkens dezelfde mensen. Ik mis in de media levenskunstenaars (er zijn er velen maar ze blijven in mijn beleving te onzichtbaar) die er doorheen kunnen kijken en het nieuwe nog niet geziene in richtingen kunnen duiden.

Een stilte.

Bij de vraag wie is in persona een pur sang levenskunstenaar?, popte bij mij meteen Toon Hermans, komiek (de nar die ons een spiegel voor houdt), op. Hij werd vorig jaar nog geëerd en gevierd ter ere van zijn honderdste geboortejaar (17 december 1916 – 2016).

Clown

ik ben de clown, de mensen zien het aan mijn kop
ik maak hun kouwe harten warm, ik hits ze op
ik breng de hele zaal als water aan de kook
en is de tent na afloop leeg,
ben ik het ook

Toon Hermans was de eerste in Nederland die alleen op het toneel stond in een One man show. Hij bracht luchtige troostrijke liedjes en absolute onzin die de mensen onvergetelijk lieten lachen. Hij sprak rechtstreeks tot de harten van de mensen in alle lagen van de bevolking. Over het vervliegen van tijd gesproken, waar zijn ze gebleven de zwart-wit televisie-avonden waar je met het hele gezin aan de buis gekluisterd naar Toon keek…

Toon Hermans was wars van analyse of rationaliseringen. Zijn geheim? Hij deed maar wat, zei hij. Zijn leven lang heeft hij volgehouden: dat hij het ook niet wist en maar wat ‘dee’. Hij speelde met het niet-weten op het kokette af. Het verhaal gaat dat als je hem thuis met kunstboeken en spirituele, filosofische geschriften omringd opzocht, dat je een mijmeraar, een wroeter en weemoedige aantrof. Zag je hem op de planken in het voetlicht, dan veranderde hij in de grappenmaker, de clown, de beroepsouwehoer – De sprekerd – die zijn schulp afwierp.

Niet je hele
lange leven
met je voetjes
op de grond
beetje dromen
beetje zweven
lijkt me ook
niet ongezond.

Ik hield van zijn souplesse waarmee hij op het toneel stond. Tranen met tuiten lachen zoals Toon Hermans de zaal in kon kijken en ogenschijnlijk niets deed en toch de aandacht wist vast te houden. Het had iets speciaals. Je zou kunnen zeggen Toon die je meeneemt in de restruimte en je met hem mee laat leviteren. Hij durfde het moment aan te houden. De ‘abstracte grap’ was een constante in zijn werk. Toon vertelde weinig of geen grappen, zoals de meeste komieken van zijn tijd. Hij lulde maar wat aan, althans zo leek het. Het ging vaak nergens over. Hij nam zijn toeschouwers mee in een soort voorpret die eindeloos werd opgebouwd. En zo ontwikkelde hij lach op lach, tot een golfbeweging van mensen die bleven lachen en die niet meer te stoppen was. Weergaloos spelend met timing op het toneel.

Zijn conferences hebben in mijn beleving nergens ingeboet en de tand des tijds doorstaan. Ze zijn nog altijd inspirerend en tijdloos, ondanks dat de factor vergankelijk- en vergetelheid altijd op de loer kunnen liggen. Collega-komiek Freek de Jonge ervoer dat bij een voorstelling die hij voor theaterfestival De Parade maakte. Het overwegend jonge publiek herkende hem niet meer, en vroeg tot zijn shock  af wie die oude snuiter was…

Bij het terugkijken van Toon’s dvd’s en Youtube-filmpjes, ervaar ik telkens weer dat je opnieuw kunt lachen om dingen waar je al vaker om gelachen hebt. Onversneden levenskunst. ‘Toons humor richt zich tot het hart,’ zegt zijn biograaf Jacques Klöters. Hij maakte het leven lichter. Hij laat ons inzien dat wij veel meer zijn dan een optelsom van onze ervaringen.

Een stilte.

Er valt een aantrekkelijke bespiegeling binnen over Toon in de hyperruimte. De hyperruimte (zie mijn februari column) is een alternatieve ruimte of dimensie die zich ‘boven’ de ons bekende ruimte bevindt. In deze ruimte kunnen verbindingen plaatsvinden die ons besef van tijd en ruimte ver te boven gaan. Tijd en ruimte zijn constructies ontleend aan onze ervaringen en interpretaties van gebeurtenissen, die in een ‘gewone’ ruimte plaatsvinden en daardoor het idee van beweging doen ontstaan. Zonder beweging is er geen tijd. Stel je Toon Hermans voor die ons aankijkt, en ons steeds aan blijft kijken met zijn olijke oogopslag, en als geen ander als een ware levenskunstenaar, zonder iets te doen, achter de beweging langs het onbeweeglijke aan Toont.

Tsja.

En wat blijkt, Toon heeft een prachtig gedicht over de tijd geschreven.

DE TIJD

Ik heb hem niet gezien, de tijd
‘k zag niet dat hij voorbijging
ik heb hem niet gegroet en hij
vroeg ook niet hoe ‘t met mij ging

zo zijn de jaren weggespoeld
naar hier, naar daar, naar waar…
als je de tijd té duidelijk voelt
dan weegt ie veel te zwaar
‘k gaf mij niet altijd rekenschap
van alles wat ik deed
van elke daad, van elke stap
van alle lief en leed

‘t is allemaal maar éven
‘t duurt allemaal niet lang
niet stilstaan bij het leven
dan blijf je aan de gang

– Toon Hermans –

Bij deze, een fijne (tijdloze) zomer toegewenst!

© Gerome, 1 augustus 2017

Tip:

Geef een reactie op deze column, helemaal onderaan deze pagina.

En onder de column kun je via ‘View all posts’ toegang krijgen tot alle columns van deze auteur.

Nog geen reacties.

Geef een reactie