Roos en de zeven hanen (Dirk Oegema)

Roos is jong en mooi, heel mooi. Een prachtig figuur, het leven spat ervan af. De laatste maand leeft deze roodharige schoonheid tussen zeven haantjes. Ook jong, maar al wel de borst vooruit. Roos doet elk moment haar best niet naar ze te kijken als ze in de buurt zijn, want ze zijn er niet voor haar. De zeven haantjes zijn eigenlijk een verrassing, zoals elk begin van leven uiteindelijk een verrassing is. En met onze vooruitgang proberen we die verrassing er een beetje verder uit te halen. In dit geval de eieren, die elke dag van het leghok verhuizen naar de koelkast.

En hier begint dit verhaal. Bij één van de kippen was het na jaren gaan kriebelen. Zij was buiten het erf, in het wild, voor zichzelf begonnen met een nest met maar liefst 12 eieren. Een van haar vriendinnen heeft vast ook een beetje geholpen bij de leg. De kip was al een maand zoek, opgegeten door een vos, dacht mijn vriendin. Tot de dame op een mooie dag parmantig het grote erf opstapte en haar 11 kuikens voorstelde aan de gemeenschap.

Roos, roodharig en nog maar 3 maanden oud, wist dat je van grote kippen af moest blijven. Dat was iets systemisch, had te maken met de orde van de dingen, zo begreep ze van haar moeder en al de andere honden op het erf. Maar hoe zat het met die hele kleine nieuwkomers? Die kwamen uit het niets. Dus daar gold … niets, nietwaar? Vrij als een vogeltje slaat soms om in simpel vogelvrij. Haar ogen kregen iets extatisch… Met veel moeite lukte het om Roos keer op keer terug te halen als ze weer eens te dicht bij het kippengenot kwam. Dat ging natuurlijk een keertje mis. Eén haan is niet meer. De partner van mijn vriendin heeft zich ontfermd over het stoffelijk overschot, het kaalgeplukt en de ingewanden eruit gehaald. Eenmaal gebraden smaakte het haantje uitstekend. Een lichte wildsmaak, bio met de smaak van vrijheid.

En Roos? Nu ze weet dat ze het kan, zal ze zich nu inhouden? Volwassen worden en zich voegen naar de bestaande orde? Ik weet het niet. Bij mij kriebelt het namelijk ook. Dat speelt al lang, maar wordt hier acuut. Er waren acht hanen. Nu zijn er zeven. En er is plek in deze wereld voor één, en wellicht een tweede, als reserve haan. Minimaal vijf moeten de orde der dingen verlaten. Wordt er niet van bovenaf ingegrepen, dan gaan de hanen elkaar afmaken.

Mij stoort het al jaren dat ik vlees eet, vooral kippen, en die kant-en-klaar-dood in de supermarkt koop. Moet ik dat hier goedmaken en voor mijn vriendin die boventallige hanen ontdoen van het leven? Dood maken dus met mijn eigen handen. Heel vroeger heb ik wel eens vis schoon gemaakt. Met links de spartelende glibbervis vasthouden en met rechts het mes door het vlees en de ruggengraat halen tot de kop er af valt. Een vis is alleen veel kouder. Die hanen zijn voor mij toch wat dichterbij.

Ik worstel met hetzelfde dilemma als Roos: hoe ga ik om het het leven? Eten we vlees zonder ooit zelf het leven te nemen? Kip eet ik elke week. En toevallig logeren de zoon en zijn vriendin, beide veganist, deze week op de boerderij. Dus, wat ga ik doen: maak ik met mijn eigen blote handen een kip dood of niet? Achter mij hoor ik luid gekakel, de kippen zijn ergens van geschrokken…

© Dirk Oegema, 1 oktober 2020

, , , ,

1 Reactie Roos en de zeven hanen (Dirk Oegema)

  1. Jolanda Verburg 01/10/2020 op 13:18 #

    Hallo Dirk,
    Tja wij zitten met een vergelijkbaar dilemma (zie mijn column van oktober 2020).
    Van de negen kuikens zijn er 5 haantjes.
    Nu twee weken oud mogen ze nog even een paar maanden blijven.
    Maar op zeker moment vechten ze elkaar letterlijk dood.
    Gelukkig zijn onze hanen volbloed Bielefelders en dus gewild.
    Wij gaan ze op termijn verkopen, alle vijf.
    Als wij ze niet alle vijf verkocht krijgen dan gaan wij ze slachten.
    Hoewel ik nagenoeg geen vlees eet, eet ik wel mijn eigen dieren.
    Ze hebben dan een goed leven gehad.
    Liever van eigen slacht dan onbeduidend vlees van de slager.
    Het enige dat mij te doen staat is om niet gehecht te raken aan ze.
    Groet, Jolanda

Geef een reactie