Over geweld tegen vrouwen en het verlangen gezien te worden (Chiara Sahin)

In november en december wordt veel aandacht besteed aan geweld tegen vrouwen. De discussie over het uitbannen van geweld wordt vaak door vrouwen gevoerd en gaat over de man als dader. Hoe kunnen we er voor zorgen dat mannen aansluiten?

Internationale dag voor het uitbannen van geweld tegen vrouwen

We hebben nogal wat dagen wereldwijd waarbij aandacht wordt besteed aan een onderwerp waarvan een internationale organisatie vindt dat het niet goed gaat in onze samenleving. Zo bestaat er de Internationale dag tegen discriminatie en racisme, de Internationale dag tegen facsime en antisemitisme, de Internationale dag tegen homofobie en transfobie, de Internationale dag tegen Ouderenmishandeling en bijvoorbeeld de Internationale dag van AMBER Alert. In november en december komen we bij elkaar voor de Internationale dag voor het uitbannen van geweld tegen vrouwen. Een dag die sinds ongeveer twintig jaar bestaat. Ik kijk met veel interesse naar de beelden van het nieuws uit Italië, Spanje en Frankrijk. Hier in Nederland komen de beelden slechts zijdelings langs. Omdat ik dagelijks het nieuws van de Italiaanse TV kijk om op de hoogte te blijven van de samenleving waarin mijn familie leeft, zie ik indrukwekkende reportages.

Van billen knijpen tot moord

Alleen al in Parijs lopen zeker vijftigduizend vrouwen op straat te demonstreren. In Rome wordt het aantal geschat op honderdduizend. Ze worden geflankeerd door een enkele man. Aanleiding voor de massale opkomst is het schokkend aantal vrouwen dat afgelopen maanden in bovenstaande drie landen vermoord is door hun (ex-)echtgenoot of partner. Ook in Nederland hebben we sinds kort een gezicht voor femicide: Humeyra is vermoord door haar ex-vriendje nadat ze maanden lang gestalkt is. Een slachtoffer waarbij alles wat er maar fout kan gaan bij officiële instanties ook daadwerkelijk fout gaat.

Ook in Nederland is het geweld tegen vrouwen significant stijgend. En het is echt niet zo dat dit alleen gebeurt in de migrantengezinnen als gevolg van eerwraak. Het is ook niet zo dat dit alleen gebeurt in gezinnen met laagopgeleide mensen of bij vrouwen die geen werk hebben. Volgens internationaal onderzoek heeft één op drie vrouwen vanaf haar vijftiende levensjaar te maken met een vorm van lichamelijk of seksueel geweld. Het overgrote gedeelte daarvan wordt gepleegd door familie of (ex-)partners. Om heel eerlijk te zijn denk ik zelf dat dit een onderschatting is. Als ik met vrouwen praat over geweld, dan ken ik er niet eentje die niet één of andere vorm van geweld heeft meegemaakt. Ik praat dan over verkrachting, lichamelijke mishandeling of moord. En ook over het knijpen in billen, het onder druk gezet worden voor een goede beoordeling door een teamleider in ruil voor seksuele diensten of uitgescholden worden als ‘hoer’ omdat je geen aandacht besteedt aan een man, die kennelijk vindt dat hij daar recht op heeft.

PublicDomainPictures via Pixabay

Dure skivakanties

Sinds de conventie van Istanbul worden er gelukkig ook minder zichtbare vormen van geweld meegenomen in de beoordeling van (huiselijk) geweld. Zoals bijvoorbeeld economisch geweld tegen vrouwen, waarbij de man het geld van het huishouden of het geld dat een vrouw zelf verdient in eigen hand houdt. Hij zet het op een bankrekening waar zij niet bij kan. Of hij dwingt haar om zichzelf te gaan prostitueren in ruil voor huishoudgeld, terwijl hij het paspoort of andere belangrijke papieren afpakt. Het kan ook zijn dat hij haar dreigt om haar samen met haar kinderen (die soms ook de zijne zijn) op straat te zetten als ze niet doet wat hij zegt. Of hoe ze onder het mom van gelijkwaardigheid haar hele salaris in de huishoudpot moet stoppen, terwijl haar vriend het driedubbele verdiend. Met als gevolg dat ze niet kan sparen, geen eigen geld heeft. Terwijl hij de vrijheid heeft om met zijn vrienden van het riante restant van zijn salaris op dure skivakanties te gaan.

Rechten van de vrouw

Geweld tegen vrouwen is niet nieuw. Mijn moeder werkte in de gezinszorg eind jaren vijftig, begin jaren zestig. Veelal arme gezinnen waar de vrouw voor de zoveelste keer bevallen is van een baby. Gezinnen waar vaak geweld voorkomt, waar mannen hun zuurverdiende geld verzuipen en uit onvrede de vrouw en kinderen de kamer rondslaan. In kleine gemeenschappen weet iedereen wie zijn handen niet thuis kan houden. Het is een taboe om erover te praten, een publiek geheim. Mijn moeder waarschuwde ons altijd voor dergelijke mannen en drukte ons meisjes vooral op het hart om zelf geld te verdienen. Er zijn wel veranderingen met die tijd. Tegenwoordig is de wereld groter. We weten dat het niet meer alleen dát gezin in die straat is waar het gebeurt. Er zijn er ook meer mogelijkheden om hulp te krijgen. Meer regels en wetten om de vrouwen en kinderen te beschermen. Een vrouw is in Europa niet langer volgens de wet het eigendom van een echtgenoot. Ze heeft haar eigen rechten.

Waar zijn de mannen?

Ik kijk weer naar de demonstraties op het nieuws. Zo weinig mannen zijn er te zien. Toch is het merendeel van de daders mannelijk: vaders, broers, geliefden, verloofden, echtgenoten. Alle kinderen, inclusief de jongetjes, hebben gezien hoe hun moeders slachtoffer van huiselijk geweld worden. Hoe ze rondlopen met een blauw oog dat zo goed mogelijk wordt weggeschminkt. Hoe ze vernederd wordt omdat hun echtgenoot vindt dat ze teveel overgewicht heeft en wordt uitgescholden voor ‘vet varken’ of erger. Hoe er tegen ze geschreeuwd wordt, gedwongen om op hun tenen te lopen om het de echtgenoot naar de zin te maken en soms tussen hun kinderen en echtgenoot inspringen om te voorkomen dat de kinderen klappen krijgen. Deze kleine kinderen worden groot. Ze hebben niet geleerd om goed te communiceren, dat grenzen gerespecteerd moeten worden en dat houden van niet gelijk staat aan een vrijbrief om je zin door te drukken. Uit eigen ervaring weet ik hoe lastig het is als je in een gewelddadig gezin opgroeit om vol zelfvertrouwen je grenzen aan te geven, om niet te twijfelen aan je gevoel en om niet te luisteren naar alle excuses die over tafel komen om het gedrag te verontschuldigen van de dader. Het is zo makkelijk om te denken in ‘wij goede en kwetsbare vrouwen’ en ‘zij slechte en mishandelende mannen’.

Daders en slachtoffers

Vaak zijn mannen niet alleen daders, maar net zo goed slachtoffer. In hun jeugd hebben ze geweld in de thuissituatie meegemaakt. Ook zíj hebben als kind geen goede grenzen geleerd, niet geleerd om daarover constructief te communiceren, geen goede rolmodellen gezien. En dat verandert niet zo snel in de relaties die ze hebben als volwassene. Bijvoorbeeld omdat ze een echtgenote hebben die manipulatief is en goud of geld eist in ruil voor seks. Of die van de ene op de andere dag met de noorderzon verdwijnt met meenemen van spaargeld, inboedel en gezamenlijk kind. Of misschien zelfs wel fysiek gewelddadig is. Maar ook als ze dat alles niet is, dan is de kans groot dat zij zelf ervaringen heeft met geweld en moeite heeft om een constructieve liefdesrelatie aan te gaan.

Dimitris Vetsikas by Pixabay

Het verlangen om gezien te worden als mens

Ook al ben ik zelf slachtoffer van diverse soorten geweld en steun ik de strijd om geweld tegen vrouwen uit te bannen, ik geloof dat we het niet gaan oplossen door mannen te demoniseren. Alleen door gezamenlijk naar de patronen te kijken kan er iets veranderen. Dan krijgen we begrip voor de ander en zijn of haar verleden, zijn of haar angsten en verlangens. Thuis heb ik een twaalfjarige zoon rondlopen. De kans is groot dat hij ooit in zijn leven iemand tegen komt die één of andere vorm van structureel geweld heeft meegemaakt in zijn of haar jeugd. Als het iemand is waarop hij verliefd wordt dan wens ik hem toe dat er openheid is om te praten over grenzen, over de pijn en over het verlangen om gezien te worden als mens.

© Chiara Sahin, 1 december 2019

, ,

Nog geen reacties.

Geef een reactie