Op weg naar de oorsprong (Annerieke van Wijhe)

In ‘Op weg naar de oorsprong’ volgen we Mirte, die tijdens een ochtendwandeling met haar hond Tobias een boek vindt. Als ze probeert om het boek te openen, belandt ze zelf in het verhaal en ontmoet zo Levi een wijze oude man die haar over het enneagram vertelt. 

Tijdens dit maandelijkse blog ontdekken we met Mirte de wijsheid van het enneagram. Met haar als hoofdpersoon worden de verschillende modellen van en kijkwijzen op het enneagram onder de aandacht gebracht. De lezer wordt uitgenodigd om feedback te geven op de uitleg over de verschillende modellen zodat het eindresultaat in de vorm van een roman, meer verdieping en achtergrond krijgt dan ik, als schrijfster alleen kan bereiken. Vandaag volgen we Mirte als ze, tijdens haar ochtendwandeling een mysterieus boek vindt. Het boek is afgesloten en de enige manier waarop Mirte het kan openen, is door haar hart te openen.

Het was half acht in de ochtend. Na een kort ontbijt, liep Mirte naar buiten. Samen met Tobias, haar Boeren fox van zes jaar, wandelde ze iedere ochtend door de Soesterduinen om rustig wakker te worden. Zo ‘s ochtends vroeg was het rustig buiten, ze kon de vogels horen fluiten en luisterde graag naar het ruisen van de wind.

pexels-bos-01Tobias was een energieke hond en had veel beweging nodig. Het was voor hen beiden prettig om de dag met een frisse ochtendwandeling te beginnen. Zo vroeg in de ochtend buiten had het extra waarde om buiten te zijn. Er was bijna niemand anders en de geluiden van vogels, de geur van de bomen en de frisse ochtendwind gaven een prettig gevoel. De lente was op zijn begin, de eerste knoppen kwamen aan de bomen en hoewel het nog koud aanvoelde, had de atmosfeer al de zachtheid die de lente met zich meebracht. Half in gedachten wandelde Mirte de voor haar bekende wandelroute. Ze keek om zich heen of ze Tobias kon vinden, meestal liep hij niet ver bij haar vandaan, maar soms rook hij een spoor en zette hij het op een lopen. Zo ook deze keer; Tobias had kennelijk een geurspoor van een konijn of fazant gevonden en rende tussen de bomen door. Plotseling stond hij stil. Hij trok zijn rechterpootje omhoog en keek gespannen naar de grond. De jachthouding. Plots begon hij  te graven. “Kennelijk, heeft hij een konijnenhol gevonden” dacht Mirte en ze liep naar Tobias toe om te kijken wat hem zo bezig hield. Zijn snuit zat vol met aarde en hij groef driftig door. “Tobias!” riep Mirte om zijn aandacht te trekken, maar hij bleef als een dolle doorgraven. Inmiddels stond hij al tot zijn middel in zijn eigen gegraven kuil. Toen Mirte dichter bij Tobias kwam, stopte hij met graven en deed hij een stap achteruit. Hij keek aandachtig naar Mirte alsof hij duidelijk wilde maken dat hij iets bijzonders had gevonden. Mirte stapte richting de kuil en probeerde of ze hem dicht kon maken: “Je kunt niet overal maar zo graven, Tobias” mopperde Mirte een beetje. Maar toen ze met haar voet zand in de kuil wilde gooien zag ze iets liggen. Iets vierkants. Het leek een doos te zijn, maar Mirte kon niet precies zien wat het was. “Wat heb je nu weer gevonden? “ vroeg Mirte terwijl ze zelf ook wel wist dat ze hier, van haar hond, geen antwoord op zou krijgen. Mirte sprak vaak tegen haar hond om voor zichzelf iets te kunnen zeggen. Het dier keek dan altijd aandachtig en het leek alsof hij luisterde. Dat was gewoon een grappig gezicht, waardoor ze hem bleef betrekken bij haar gedachtespinsels.

Mirte probeerde of ze de doos iets verder uit de grond kon trekken. Dat lukte maar moeizaam. Ze moest zelfs graven voor ze er beweging in kreeg. Langzaamaan kreeg ze ruimte om de doos heen en raakte het los uit de aarde. Mirte viel naar achter toen het eindelijk losschoot. Even durfde ze het niet aan om hem open te maken, maar de nieuwsgierigheid won toch. Ze maakte het open en zag in de doos een oud boek. Het leek een boek uit de Middeleeuwen te zijn, misschien nog wel ouder. Mirte was verbaast: “Hoe komt dat boek hier in het bos en waarom had ze het nooit eerder gevonden, waarom juist nu?”. Aandachtig keek Mirte naar het boek. Om het boek heen zat een gesp met een slot. Het zat op eenzelfde manier dicht als Mirte haar dagboeken. Ze wrikte aan het slot, maar kreeg het niet open. Mirte keek in de doos en zocht naar een sleutel. Ze vroeg zich af waar de sleutel zou kunnen zijn, maar kon in de doos niets vinden. Ze keek in de zak, waar de doos in zat en keek rond in de kuil waar Tobias de doos had gevonden. Nergens was een sleutel te vinden. Toch was Mirte benieuwd naar de inhoud van het boek.

Ze ging op een boomstronk zitten en staarde nadenkend over de zandvlakte voor haar. Even sloot ze haar ogen, toen ze plotseling een koude rilling voelde en ze het idee kreeg dat ze niet langer alleen was. Het gevoel beangstigde Mirte en ze dacht erover om verder te lopen. Toch trok het vreemde gevoel haar aandacht. Ze voelde de koude rilling opnieuw en hoorde een zachte fluisterende stem. Het was te zacht om goed te horen wat er gezegd werd. Ze sloot haar ogen, concentreerde zich en hoorde de fluisterstem opnieuw: “Je vindt de sleutel in je hart, Mirte. Je vindt de sleutel in je hart”. Mirte schrok ervan. Iemand kende haar naam en iemand vertelde haar iets over de sleutel die ze niet kon vinden. Ze keek om zich heen, maar zag niemand. “Je vindt de sleutel in je hart” bleef het nagonzen in haar hoofd. “Wat zou dat nou kunnen betekenen”, dacht Mirte. “Met een sleutel in mijn hart, krijg ik heus dat stomme boek niet open”.

Enigszins verbaasd pakte Mirte het boek van de grond. Opnieuw voelde ze de vreemde rilling en hoorde ze de stem die zei: “Je vindt de sleutel in je hart, Mirte”. Ze kon er niet om heen. Ze hield het boek voor zich, opende haar hart en verbond zich met het boek. “Dit is raar” dacht Mirte en direct was ze de verbinding kwijt. Toen probeerde ze het opnieuw. Ze verbond zich met het boek en opende haar hart. Plotsklaps schoot het slot van het boek en ging het open. Mirte deinsde achteruit en zag hoe de bladzijden hun eigen leven gingen leiden. Ze bewogen op één volgend alsof de wind door het boek blies. Mirte bleef gefascineerd en aandachtig naar het boek staren. Tot het stil bleef liggen op één pagina. Op deze bladzijde zag Mirte een afbeelding en daarnaast de start van een tekst. Mirte probeerde de tekst te lezen, maar haar aandacht werd getrokken door de afbeelding. Deze was al oud, dat kon Mirte zien aan de grijs gele kleur van de afbeelding. Op de afbeelding stond een brug, een oude brug die via de duinen richting het strand liep. Mirte keek langs de brug en voelde een zachte stroom aan haar trekken, toen ze om zich heen keek zag ze dat ze werd omgeven door een paars roze gloed waar Mirte geen weerstand aan kon bieden. De gloed omarmde haar volledig en nam haar mee het boek in. Verbaast stond Mirte op de brug die ze even terug gezien had als plaatje in een boek. Mirte vroeg zich af of ze nog terug kon, maar er was geen tijd om daar over na te denken. De paars roze gloed was om haar heen en leidde haar over de brug, over het pad de duinen in die ze zojuist op de foto had gezien. Het strand voelde hetzelfde als ieder ander strand, maar toch was dit pad een stuk mystieker. Via de weg door de duinen, kwam ze in een bos terecht. Mirte kende hier de weg niet, maar toch wist ze innerlijk waar ze naar toe moest. De paars roze gloed omarmde haar nog steeds en leidde haar op een liefdevolle, zachte en toch ook doortastend manier naar de juiste plaats in het bos. Ze werd naar een open plek in het bos geleid, waar bomen in een cirkel stonden. Op de grond lagen drie boomstammen in een driehoek op de grond. Daar ging ze verbaasd op één van de boomstammen zitten, verbond zich met de overweldigende omgeving om haar heen en wachtte af.

Volgende maand: De ontmoeting met Levi, de mysterieuze wijze man die Mirte over het enneagram vertelt.

Nog geen reacties.

Geef een reactie

Do NOT follow this link or you will be banned from the site!