Koninklijk virus en het collectief

In tijden van stress vervagen grenzen. De behoeften van het groter geheel worden boven persoonlijke behoeften gesteld. Maar juist in zulke tijden is het belangrijk om goed voor jezelf te zorgen, om jezelf te geven wat je nodig hebt om de rust te kunnen bewaren.

Lente en de wilde kersen

Dit weekend is de lente begonnen. De tulpen in mijn tuin gaan langzaam open, de wilde kersen in de straat staan volop in bloei en de lucht is stralend blauw. Achter het glas ziet het er uitnodigend uit, maar ik vind de wind erg koud. Goede reden om nog een boek te lezen. Sinds ik een e-reader heb, lees ik zo’n vijftien tot twintig boeken per maand. Geen geleur met een stapel boeken van de bibliotheek die niet te tillen is. Is het boek niet te pruimen dan gooi ik het snel uit mijn leeslijst en laad een nieuwe op. Pure rijkdom vind ik het.

Ik lees van alles: SF, romans, zakelijke boeken, historische boeken, detectives, je kunt het zo gek niet bedenken of het staat op mijn e-reader. Ik lees zoveel boeken omdat ik dyslectisch ben. Het is een persoonlijke overwinning dat ik kan lezen en ook nog zo snel kan lezen. Dat is niet altijd zo geweest. Mijn moeder heeft eindeloos veel geduld gehad om het mij te leren. In de jaren zeventig is er geen remedial teacher of andere expert die ontdekt dat je dyslectisch bent, er zijn geen regelingen die je extra tijd geven. Dus ofwel je leert per ongeluk toch lezen ofwel je leert nooit (goed) lezen. Ik ben dankbaar dat ik goed kan lezen en dankbaar voor het geduld van mijn moeder, dat, zo denk ik, een beetje op was, toen ik eindelijk kon lezen.

Steffi Timm via Pixabay

Liefde en behoeften

Afgelopen week lees ik een liefdesroman, een erg romantische roman. De vrouw is na haar scheiding opgekrabbeld uit een huwelijk waarin ze wordt mishandeld. Haar nieuwe vlam ziet haar als zijn stralend middelpunt, waarbij de zon in vergelijking een miezerig aftreksel is. Het gaat vooral over wat zij nodig heeft om zichzelf te kunnen zijn, zich veilig te voelen en te groeien in haar bedrijf en relatie. Daarnaast gaat het over hem: hoe hij haar alles geeft wat ze nodig heeft zonder dat hij zichzelf kwijt raakt. Hun zoektocht raakt me diep.

Ik vind het herkenbaar wat er gebeurt. Ik ken veel relaties met al dan niet kleine en/of grotere kinderen waarvan minstens één partner zichzelf langzaam kwijt raakt. Dienstbaarheid, jezelf wegcijferen, klaar staan voor een ander, op een gegeven moment weet je niet meer wat je nodig hebt om op te laden. Je bent bekaf door werk, opleiding, sport, sociale verplichtingen, mantelzorgtaken en de wensen en behoeften van je kinderen. Oh ja, niet te vergeten, je hebt ook nog een partner waarmee je lief en leed deelt.

Als mijn echtgenoot vraagt wat ik wil, nodig heb, betrap ik mezelf er ook regelmatig op dat ik even niet weet wat ik nodig heb. Ik hou er van om een kop koffie te drinken in een café met uitzicht op een rivier. Of met vrienden samen dim sum te gaan eten op zondagmiddag bij de Chinees. Ik kan me niet herinneren wanneer ik dat voor het laatst gedaan heb. Zou ik het eigenlijk nog wel leuk vinden? Past het nog wel bij Chiara-5.0-Revisited? Ik ben niet meer dezelfde als twintig jaar geleden. Perziken met slagroom zeggen me niets meer.

Het koninklijk virus

Vaak hoor ik verhalen over ouderen die jaren bij elkaar zijn, veertig, vijftig en soms wel zestig jaar. De partner komt te overlijden en dan hoor je van de kinderen: “Ma (of pa) is zo veranderd, helemaal uit haar schulp gekropen. Zo kennen we haar helemaal niet. Ze heeft haast geen tijd voor ons of de kleinkinderen.” Nou, ik zal heel eerlijk zijn, het lijkt me heel verdrietig als je er dan pas achter komt dat je bijna in slaap bent gevallen. Dat je dan pas ontdekt dat je nog zoveel wensen hebt en dat het leven er is om volop te leven. Ik neem me nu al voor dat ik niet op die manier oud ga worden. Als ik er tenminste zo lang mag zijn, want het leven is soms knap wispelturig.

Bijna een jaar geleden schrijf ik een column waarin ik de wens uitspreek om naar Hong Kong te gaan. Voor deze wens is een koninklijk virus gaan staan. Een virus dat een deel van onze (jonge) ouderen het leven kost. Ik moet denken aan de verhalen van mijn opa en mijn vader over de Spaanse griep. In bijna ieder gezin valt er wel iemand weg. Thuis blijven, social distancing, grote groepen vermijden en anderhalve meter afstand houden, daar hadden ze toen niet van gehoord.

Wij zijn sociale wezens, wij houden van nabijheid. Een baby krijgt een ernstige ontwikkelingsachterstand als hij geen interactie heeft met andere mensen. We zijn bedraad om net als de Borg in Star Trek in een collectiviteit te leven. Daarom is het virus ook zo succesvol. Daarom is het ook zo lastig om grenzen van het jouwe en het mijne in een gezin goed te bewaken. Voordat je het weet heb je een symbiotische relatie waarin jouw persoonlijke grenzen en behoeften niet meer bestaan. Waarin de ander geen enkel gevoel heeft voor jouw persoonlijke grens en er totaal geen rekening mee houdt. Waarin je op de één of andere manier mishandeld wordt.

Jess Watters via Pixabay

Voor jezelf zorgen in tijden van ingrijpende gebeurtenissen

Hoe meer druk er op het gezin staat, bijvoorbeeld door een pandemie, oorlog of andere ingrijpende gebeurtenis, hoe moeilijker het wordt om nog goed te voelen wat je als persoon nodig hebt. We zijn er op gericht om te overleven – bij voorkeur als groep. Voor veel mensen staat dat gelijk aan jezelf wegcijferen voor het belang van het grotere geheel, je gezin, je kinderen of je ouders of vul maar in wat voor jouw belangrijk is. Het geeft mensen die geen respect hebben voor de grenzen van een ander een drijfveer om hun grenzeloosheid alleen maar verder te vergroten.

Met fascinatie (en soms verbijstering) kijk ik in de afgelopen weken naar alle beelden die voorbij trekken. Het zet scherpte op wat ik nodig heb om me veilig te voelen, om voor anderen te zorgen en voor mezelf te zorgen. En ik zie het bij iedereen om mij heen gebeuren. Het zet scherpte op de noodzaak om in een chaotische tijd de rust te bewaren, na te blijven denken, vooruit te kijken en gewogen besluiten te nemen. Om niet als een kip zonder kop vijf winkelwagens met pasta, rijst, melk, wc papier en zeep mee te nemen van de supermarkt, zoals ik iemand zie doen die in mijn straat parkeert.

Angst binnen het collectief is een kwade genius. Ik voel het in mijn onderbuik. Het is niet mijn angst, maar de angst van het collectief dat ik voel. Ik weiger om me er door te laten leiden. Ik heb me ingeschreven voor twee on-line trainingen. In de hoop dat ik die straks kan gebruiken én met de bedoeling om mezelf te geven wat ik nodig heb, zodat ik goed voor mijn gezin en anderen in deze samenleving kan zorgen.

© Chiara Sahin, 23 maart 2020

, , , ,

Nog geen reacties.

Geef een reactie