Een dag uit het leven van… (Yoyo van der Kooi)

Het bewustzijn keert langzaam terug in mijn slapende lichaam en identificeert zich ermee. Ik ben… Ik ben Yoyo! Schemerig licht komt door de witte katoenen gordijnen de kamer in. Ik lig op mijn rug, uitgespreid in de tempur-matras die zich heeft gevormd naar mijn houding.

Ontwaken

Het moet een uur of zeven zijn”, denkt mijn brein. Mijn hoofd draait zich naar de wekker op het nachtkastje. Het is 7.10 uur op zaterdagochtend in Arnhem. Ik heb precies acht uur geslapen. Meestal word ik al na zes of zeven uur wakker.
“Oh, de column!”, schiet het door mijn geest. Vandaag is de deadline.

Mijn hand strekt zich uit naar het plastic waterflesje op de vensterbank, om mijn droge mond te bevochtigen. Dan lig ik weer heerlijk onder mijn warme donzen dekbed en kijk naar de gedachten die mijn ‘working-mind’ mij presenteert.

“Om 11.00 uur komt je cliënte, dus je hebt nog lekker wat tijd om te schrijven.

Ga je eerst wat yoga-oefeningen doen of begin je meteen?”

Nee, ik wil nog even helemaal niks. Ik draai me op mijn zij, trek mijn knieën op en nestel mijn hoofd in het holletje van de drie kussens, die ik altijd zó schik dat mijn hoofd wat hoger ligt dan mijn romp (zodat er geen maagzuur terugvloeit in mijn slokdarm: ik heb een maagklepje dat niet goed sluit). De gedachten laat ik voor wat ze zijn en ik glijd weer weg in die zalige toestand tussen waken en slapen. De theta-staat noemen ze dat, als de hersengolven een frequentie hebben van tussen de 4 en 8 Herz waarin je toegang kunt krijgen tot hogere en helende bewustzijnsniveaus..

Het lichaam dirigeert

Om half acht word ik zonder pardon teruggeroepen door mijn blaas. Ik rek mij uit en sla het dekbed open. Brrr… Gauw mijn lekkere zachte ochtendjas met oortjes-capuchon aan – en met een paar stappen zit ik in de (pas gerenoveerde) badkamer naast mijn slaapkamer.

Ook mijn darmen willen worden geleegd – en ik ben tevreden over de consistentie van de hoop die ik heb laten varen. Blij dat Volkshuisvesting (mijn huurbaas) bij de renovatie ook de bidet-kraan weer heeft geïnstalleerd, zodat ik met warm water mijn kruis kan wassen.

Meteen maar even in de huiskamer de thermostaat van 18,5 naar 21,5 draaien en kijken wat voor weer het is. Het is grijs en grauw en het motregent.

Maar… de gouden regen voor mijn slaapkamerraam staat in volle bloei!

Ga ik nu schrijven? Hm, nee, eerst maar even een stoombadje met verse munt maken. Ik heb (vooral ’s morgens) last van taai slijm, dat vastzit achter in mijn keel en door ‘schrapen’ niet loskomt. Acht minuten zit ik met mijn hoofd onder een handdoek en adem diep de muntdampen in. Hè, dat lucht op. Moet ik toch wat vaker doen. En natuurlijk mijn waterinname in de gaten houden om dat slijm te verdunnen. Mijn streefkwantum is anderhalve liter per dag, wat ik niet altijd haal.

Schrijven, badderen en yoga

Met een glas Lipton/Yogi thee met kaneel, gembergelei en verse munt installeer ik mij rond acht uur in mijn ‘bed-kantoor’. Nu gaat het dan toch gebeuren. De linkerkant van mijn 1.20 m brede twijfelaar is voor slapen, de rechterkant voor werken. De kussens herschik ik naar de optimale werkstand en onder mijn knieën heb ik een extra (dik) kussen. Het is weldadig stil in mijn huis en de omgeving. Zelfs de vogels houden zich gedeisd met dit weer.

Na zo’n anderhalf uur schrijven vul ik het hoekbadje in mijn badkamer met warm water en Himalaya zout. Niet alleen omdat dat zo lekker en verkwikkend is, maar ook om mijn nagels te weken, die ik kort moet knippen voor de diepe bindweefselmassage met mijn cliënte.

In het bad geniet ik als ontbijt van wat er over is van de maaltijdsalade van gisterenavond.

Als ik mijn nagels heb geknipt, in de behandelkamer de verwarming, het radiatorkacheltje en het elektrische dekentje heb aangezet  en wat jasmijn in het aroma-lampje heb gedruppeld, heb ik nog een kwartier voor een paar yoga-oefeningen. Vooral de rechter bil en de hamstrings vragen om regelmatig onderhoud: tijdens het werken heb ik nogal eens de neiging om die onbewust aan te spannen. Rechts is de yang-kant van het lichaam (analytisch, rationeel, mannelijk) en ik associeer die neiging dan ook met de controlerende eigenschappen die ik van mijn vader (die kolonel was bij de luchtmacht) heb meegekregen.

De Praktijk

Dan arriveert mijn cliënte. Het is altijd fijn om even in te praten met een kopje koffie of thee. Ik hoor dan ook de punten van aandacht in het lichaam, het gevoelsgebied en de denkpatronen waar we bij het volgen van de structuur van het ‘verlossingstraject’ mee kunnen werken.

Tijdens de sessie verdwijnen we in een tijdloos en magisch samenzijn. Mijn handen doen wat ze moeten doen. Spanningen worden losgelaten. Pijn komt tot expressie. Associaties worden gedeeld. Emoties komen en gaan. Er wordt gegeeuwd, gelachen en gehuild. Soms ook gejammerd, gebruld of gebibberd – als er herinneringen bovenkomen van ‘vorige levens’. Inzichten worden geboren.

Om half twee ben ik weer beneden. Mijn cliënte laat ik even nasoezen. Ik heb nog een stoofpotje van linzen, groene asperges en champignons. Daar kan ik mooi een soepje van maken ter afronding van onze sessie.

Muizenissen

Ik grijp de blender, die nog op het aanrecht staat van gisteren, met wat water erin om te weken. Hè? Ik schrik. Wat ligt daar nou in? Ach… een verdronken muis!

Al geruime tijd heb ik één of meer muizen in huis, die mij de discipline hebben bijgebracht om alle voedingswaren in afsluitbare potten en plastic bakken te bewaren. Vervolgens zijn ze overgestapt op de fruitschaal en de peterseliepotjes in de vensterbank (basilicum en bieslook lusten ze niet; de peterselie staat nu in de tuin en het fruit ligt in de koelkast). Het lokaas in de diervriendelijke val negeren ze tot nu toe vakkundig.

Gifkorrels gebruik ik niet meer, sinds ik een dag na het strooien ervan een muisje ontdekte dat zich voortsleepte over de plank met kruidenpotjes, met al zijn (bloederige) ingewanden achter zich aan. Ik heb mijzelf toen gedwongen om met een baksteen een eind aan zijn lijden te maken.

Ook klapvallen gebruik ik niet, omdat zo’n diertje er soms met zijn staart, poot of heup in vast komt te zitten en dan niet meteen dood is. Ik heb inmiddels besloten om – zolang het geen plaag wordt, waardoor ik de ongediertebestrijding van de Gemeente moet inschakelen) met de muizen in symbiose te leven.

En nu… drijft er dus eentje in de blender. Wat sneu. Hoe kwam-ie er in ’s hemelsnaam in langs die gladde glazen wand? Wat een rare zelfmoordactie! Of gewoon dorst…? In gedachten zie ik hem rondjes zwemmen tot-ie het van uitputting opgeeft. Wat een akelige dood…

Niettemin is de soep klaar (nee, zonder muis, die is in de groencontainer gegaan) als mijn cliënte uitgerust beneden komt – en we laten hem ons goed smaken. We raken in een geanimeerd gesprek over de dilemma’s van het leven en de ongewisheid van het bestaan. Het is het kwart voor drie als ze vertrekt. Om vier uur komt er nog een cliënte… En ik heb nog niet eens naar mijn e-mails en appjes gekeken. Ook mijn dagelijkse wandelingetje is erbij ingeschoten.

Even er tussenuit… (met haken en ogen)

Ik realiseer me hoe blij ik ben dat ik vorige week, toen ik hoorde dat Griekenland weer open is voor toeristen, een vakantie van tien dagen naar Samos heb geboekt die over een week begint. Met de p.r., de hernieuwde toeloop van cliënten en de overweldigende input die ik krijg door mijn aansluiting bij een wereldwijd netwerk van (voornamelijk vrouwelijke) ZZP’ers, blijven een aantal belangrijke projecten, zoals de lay-out van mijn Engelse boekvertaling, alsmaar liggen.

Om mij daar ongestoord aan te kunnen wijden heb ik afstand nodig van mijn dagelijkse routines – en een aangename omgeving, liefst aan een blauwe zee.

 

Omdat onlangs onverwachts mijn dierbare vriend Stelios is overleden, sinds 22 jaar onze gastheer tijdens de Samos-retraites van de school voor Levenskunst, besloot ik mijn vakantie daarginds door te brengen. Zo kan ik tijdens mijn verblijf ook een condoleancebezoek brengen aan zijn vrouw Ellina.

Voordat ik mijn vliegticket, hotel en huurauto boekte heb ik mij voor de zekerheid toch maar even laten testen op corona (negatief). En dan moet ik – uiterlijk 72 uur voor vertrek – nog een PCR-test ondergaan. Dat grapje kost mij in totaal € 164,50: de ‘straf’ van de Nederlandse overheid voor mensen die zich niet laten vaccineren. Toen ik hoorde dat in de meeste – zo niet alle – andere Europese landen deze tests gratis of heel goedkoop zijn, ontkwam ik niet aan een gevoel van frustratie. Maar ik weet dat ik de consequenties heb te nemen van mijn keuze en ik kon mijn ongenoegen en ’slachtofferschap’ snel weer laten varen door mijn aandacht te richten op de dankbaarheid die ik voel  voor het feit dat het bestaan het mij überhaupt ‘gunt’ om deze reis te maken.

Afronding van een volle dag

Het is 23.30 uur. Rond zeven uur is ook mijn tweede cliënte – na een bevrijdende release, met soep en crackers met Boursin toe – tevreden naar huis gegaan. Toen ik mijn verslag van de sessie had opgeschreven en nog wat huishoudelijke klusjes had gedaan was het tijd om zelf weer even ‘in theta’ te gaan. Maar om half tien maakte mijn maag mij wakker met de boodschap: “Er mag nog wel wat in.” Dus stond ik op om mijzelf  een lekker vervolgmaaltje te bereiden: champignons en vegetarische ‘kip’-reepjes met een heerlijke gemengde salade.

Met als dessert een verhaal van één van mijn favoriete non-dualiteitsleraren op Youtube, Dr. David R. Hawkins.

Tegelijkertijd een mooie afronding van deze dag én de column.

Ja, ik merk wel: hoe minder ik mij vastbijt in ‘hoe ik vind dat dingen zouden moeten gaan’ (vanuit het groeiende besef dat ik deel uitmaak van een gebeuren dat oneindig veel groter is dan mijn persoontje), des te meer kan ik mij in vertrouwen overgeven aan wat zich per moment aandient – in mij en om mij heen – en zo de adembenemende volheid en schoonheid van het leven in alle kleuren en toonaarden ervaren.

© Yoyo van der Kooi, 1 juni 2021

 

Reacties gesloten.