Doodgaan en weer opstaan

Het is weer bijna stervenstijd. Elke nacht oefen ik in doodgaan. Ontspannen, loslaten, overgave – verdwijnen als persoon. Om ’s morgens weer verrast te ontwaken in het Ik-scenario van mijn fysieke bestaan.

Wat houd ik van de film des levens!

76 Jaar al dient dit wonderbaarlijke lichaam met het onvermoeibaar kloppende hart mij tot voertuig voor de meest uiteenlopende ervaringen en avonturen. En hoe dieper het besef doordringt dat het ooit zal terugkeren naar de aarde, hoe intenser ik geniet van elk moment dat ik leef.

Allerlei gemoedstoestanden

Het scheelt wel dat ik in de loop der jaren steeds meer vrede heb gesloten met alle gemoedstoestanden die we als mens kunnen hebben als reactie op de situaties die zich voordoen. Ik mag behalve blij, dankbaar en uitgelaten ook bang zijn, verdrietig, onredelijk, boos – of gewoon sjaggerijnig.

Vanavond ging ik naar het filmhuis (ja, ik houd ook van de films IN de levensfilm!), samen met een oud-cursist van mijn trajecten voor levenskunst, die een goede vriend is geworden. Hij was verdrietig en nog een beetje in een staat van shock, omdat zijn vriendin het de afgelopen week na acht jaar uit heeft gemaakt: ze was weer verliefd geworden op een ex. Toevallig ging de film (A White, White Day) ook over een man die zijn vrouw is kwijtgeraakt en worstelt met zijn gevoelens.

Toen we na afloop nog een drankje dronken, kon hij lekker zijn hart luchten. En het was fijn om naar hem te luisteren en daarna samen nog wat dieper in te gaan op wat wij zoeken in de relatie en wat het alleen-zijn zo moeilijk maakt.

Op zoek naar mezelf

Van mijn eigen relaties (ik heb er vier gehad en twee daarvan zijn goede vrienden gebleven) heb ik geleerd dat ik in feite op zoek was naar mijzelf, naar de innerlijke geliefde, die ik projecteerde op mijn partners. Ook hun akelige kanten bleken weerspiegelingen te zijn van eigenschappen in mijzelf die ik mij niet bewust was of waar ik zo’n oordeel op had dat ik ze diep had weggestopt.

Door al het zelfonderzoek en ‘schoonmaakwerk’ dat ik heb gedaan om daarmee in het reine te komen ben ik steeds meer thuisgekomen bij mijzelf. En zo komt het dat ik sinds 1998 – toen er een eind kwam aan mijn laatste relatie – meer en meer geniet van mijn eigen gezelschap. Daardoor kan ik uiteraard ook meer genieten van de meest uiteenlopende mensen die mijn pad kruisen.

Zo zit ik nu heel tevreden in mijn bed-met-tempur-matras (mijn favoriete werkplek) met drie kussens in mijn rug deze eerste column te schrijven, waarvoor Jeroen en Chris mij hebben uitgenodigd.

Ik voeg een gedicht toe dat mooi aansluiten bij dit verhaal.

En dan ga ik lekker onderuit (het is intussen tegen half vier ‘s nachts) om weer te ‘verdwijnen’ en – wie weet – morgen weer opnieuw geboren te worden voor verdere avonturen…

Peace of mind facing horror’ – olieverf op paneel, Yoyo van der Kooi

De slapende Boeddha

Stil de nacht als eindelijk
‘t lijf zich uitstrekt en ontspant
Geest tot rust komt en terugkeert
naar het onbegrensde land

Vage flarden van gedachten
Het voorbijgaan van een trein
Woorden, beelden en structuren
lossen op in zomaar ‘zijn’

Wie wil nu nog iets bereiken?
Wie heeft nu het hoogste woord?
Waar zijn alle grootse plannen?
Waar wordt nog protest gehoord?

Heel de wereld is verdwenen
Alle drama’s zijn vergaan
Alle zorgen en gepieker
zijn volledig van de baan

Krijgsgeweld en burenruzies
stoppen, politiek verstomt
Leiders, strijders liggen weerloos
tot de nieuwe morgen komt

Al die slapende gezichten
al die hulzen zonder held
van wie zijn ze, wie bestuurt ze
als de nacht ze heeft geveld?

Dan, zodra we wakker worden,
wordt de film weer aangezet
en gedreven door gedachten
springt ons lichaam weer uit bed

In dit Ik-scenario
lijkt het of wij meester zijn
van ons doen en van ons laten
van ons leven, van ons brein

Dus we rennen en we jagen
naar de roem en naar het goud
Maar het wonder dat ontgaat ons
het mysterie laat ons koud

Tot we op een dag ontwaken
voor de schat achter de waan
voor de liefde zonder eisen
voor de dans van het bestaan

Nu zijn we niet meer gescheiden
van ons Zelf en van elkaar
Iets bezielt ons, doet ons, leeft ons
glimlacht stil en kijkt er naar

En als we nu weer gaan slapen
gaan we even terug naar huis
Want dat Niets dat eerst zo niks leek
is ons wezenlijke thuis

© Yoyo van der Kooi, 1 maart 2020

, , , ,

Nog geen reacties.

Geef een reactie