Als de mist optrekt (Chris Elzinga)

Kinderen lijken een natuurlijke kwaliteit van helderheid te hebben. In mijn jeugd was onhelderheid echter troef. Daardoor leefde ik in een soort mist. Al mijn ervaringen waren vaag. Wat gebeurt er als die mist optrekt?

Als alles maar goed is

In het huis waar ik vroeger woonde voltrok zich tegen etenstijd een merkwaardig ritueel. Mijn vader komt om half zeven thuis van zijn werk. Hij installeert zich op de bank als een Romeinse senator: half opgericht, benen gestrekt. Mijn moeder brengt hem een schaaltje pinda’s. Wij – mijn oudere broer, mijn zus en ik – zitten al aan tafel, klaar voor de maaltijd.
Dan roept hij mijn broer bij zich. “Hans, hoe is het vandaag gegaan op school?”
Hans: “Goed, papa.”
Mijn vader knikt tevreden, terwijl Hans terugkeert naar zijn plek aan tafel. Hierna komt mijn zus aan de beurt en ik sluit de rij. Alles is goed gegaan vandaag. We kunnen met de maaltijd beginnen.

Leven in een trance

Een alledaags tafereeltje, dat tekenend was voor de situatie en sfeer in ons huis. Er werd sowieso weinig gesproken. Het was alsof we in een soort van vacuüm leefden, los van elkaar, losgezongen van de werkelijkheid. Een vacuüm zonder inhoud, zonder nieuwsgierigheid, zonder helderheid.

Afbeelding van Pexels via Pixabay – dawn

Als ik op deze situatie van toen terugkijk lijkt het alsof we allemaal onder invloed van een soort van trance verkeerden. Was de shock van de oorlog die zo doorwerkte? Heeft de angst waarin mijn ouders in de oorlogsjaren hebben geleefd, hen zo afgesloten van hun voelen en ook van enige nieuwsgierigheid daarnaar? ‘Als alles maar goed is’ lijkt hun houvast in die tijd geweest te zijn. Niet verder kijken, je weet nooit wat voor verschrikkelijks je anders tegen komt. Liever vaag dan helder.

De mist trekt op

Op mijn veertiende met mijn broer en zus in het pleeggezin van mijn tante en oom. Mijn tante vraagt wel regelmatig door: “Wat gaat er in je om?” Ik had vaak geen idee, wist me in het begin geen raad met die vraag. Een half jaar verschoof er iets in mijn manier van kijken. Ik herinner het me nog levendig. Ik loop op een pad aan de rand van het bos van Rolde. Ineens merk ik dat alles om me heen een helderheid krijgt, die ik nog nooit eerder heb gezien. Alles krijgt kleur, alle vormen zie ik heel helder tegen elkaar afgetekend, alles wordt scherp omlijnd. Het is alsof een mist optrekt, alsof een sluier wordt weggetrokken, waarvan ik niet wist dat die er was. Plotseling zie ik de wereld in een ongekende schoonheid.

Afbeelding van rihaij via Pixabay – away

Doorvragen

Toen ik zelf kinderen kreeg, werd ik degene die de vraag stelde: “Hoe ging het op school?” En verrassend genoeg kwamen ze heel vaak met hetzelfde antwoord: “Goed.” Ik zie mezelf nog op de fiets zitten met één dochter naast me op haar eigen fiets, de andere achterop. Ik glimlach, want ik hoor ze haast denken. “Zal papa doorvragen, is hij echt nieuwsgierig naar wat ik heb beleefd?” En: “Eigenlijk heb ik geen zin om wat te vertellen, ik houd het liever voor mezelf.” Dan vraag ik door: “Wat was er goed?” Ja, ik bevraag ze, want ik wil niet dat ze in een mist opgroeien.

Helderheid van kinderen

Kinderen kunnen zo verrassend helder zijn. Ik herinner me nog goed hoe mijn jongste dochter – ze was amper vier jaar oud – eens van haar moeder te horen kreeg dat ze naar bed moest. Ze antwoordde: “Mama, als ik jou was, dan zou ik tegen mij zeggen: ‘Renske, je hoeft niet naar bed.’ ” Ik voel nog die grote grijns op m’n gezicht. Haar helderheid werd verwelkomd.

Het kan ook anders. Een klant van me vertelde onlangs hoe ze als zevenjarige een keer tegen haar moeder had gezegd: “Mama, je geeft al die mensen die hier in huis komen eten heel veel aandacht. Dat geef je niet aan ons.” Mama was absoluut niet van dit soort helderheid gediend en liet dat weinig zachtzinnig merken.

Waar helderheid verloren gaat

Als onze helderheid als kind niet welkom is, leren we dat onhelderheid een stuk veiliger is. Je kunt maar beter niet beseffen dat je ouders je geen aandacht geven, dat is te pijnlijk. Je kunt maar beter niet voelen wat er in je omgeving allemaal tussen mensen misgaat. Je kunt maar beter uit de buurt blijven van het oorlogstrauma van je ouders. Je kunt maar beter in gedachten wegdrijven, zodat je geen pijn of verdriet of andere onaangename gevoelens hoeft te ervaren. Zo verliezen we contact met onze aangeboren helderheid.

Helderheid voeden

Met mijn ervaring van helderheid in het bos in Rolde, was niet direct alle vaagheid in mij verdwenen. Het is ook voor mij een hele ontdekkingsreis geweest, met veel zelfonderzoek. Zo herinner ik me nog goed dat iemand mij vroeg wat ik in mijn buik voelde. Dat was tijdens een training, toen ik begin dertig was. Het was alsof ik mijn buik voor het eerst echt voelde. Vol verbazing merkte ik hoe gespannen die eigenlijk was. Ik had er nooit bij stilgestaan.

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay – question

Zo leerde ik mezelf bevragen. Dat is een van de dingen die tegenwoordig ik mijn klanten meegeef. Vaak begint dat met die simpele vraag: “Wat ervaar je op dit moment?”
In het begin is vaak hun antwoord: “Ik voel me wel goed.”
Het is alsof een jongere versie van mezelf hoor spreken. Ik voel een glimlach in me opkomen. “Wat bedoel je met goed?”
“Nou, gewoon, goed”
“Hoe voelt goed?”
Ze kijkt me aan. “Ik voel me wel ontspannen.”
“Waar voel je dat in je lichaam?”
Na een kort check: “Nou, in m’n borst.”
“Wat voel je daar eigenlijk?”
“Ik weet niet… Gewoon, ontspanning.”
“Voelt het zacht of hard? Warm of koud? Of neutraal?”
Haar blik keert naar binnen. “Ik voel daar inderdaad zachtheid, maar geen speciale temperatuur.”
“Is die zachtheid in heel je borst?”
“Nee… Eerlijk gezegd voelt die zachtheid alsof iets in mijn borstkas aan het smelten is.”
“Wat is aan het smelten?”
“Iets wat als een ronde bal aanvoelt. Dat was wat afgesloten.” En dan: “Het voelt nu alsof mijn hart aan het smelten is.” Om eraan toe te voegen: “Ik voel me nu helemaal wat zachter worden. Ik merk het ook aan mijn stem.”

Zo kan vragenderwijs vanuit een open nieuwsgierigheid meer helderheid ontstaan. De waarneming wordt preciezer en verdiept zich. Zo kom ik tot de kern, dichter bij mezelf. Mist trekt op. De werkelijkheid toont zich in grotere puurheid.

© Chris Elzinga, 1 maart 2020

, , ,

2 reacties voor Als de mist optrekt (Chris Elzinga)

  1. Chiara Sahin 02/03/2020 op 19:15 #

    Leuk Chris, en erg herkenbaar 🙂

    • Gerda van Konijnenburg 23/03/2020 op 13:45 #

      Heel herkenbaar. Ikzelf heb veel gehad aan het boek van Lydia Rood:”het boek Job”. Haar broer Job is autistisch en wanneer je hem vraagt hoe hij zich voelt kan hij dit niet benoemen. Maar als Lydia naar een bepaald gevoel vraagt en bijv.:”ben je boos”, dan kan hij wel antwoorden met ja of nee. Zo heb ik ook in aanvang mijzelf bevraagd. Dit was de eerste opening naar mijn eigen gevoelens.

Geef een reactie